Het verleden is een kamer waarvan je pas beseft dat je eruit bent, als je de deur achter je dicht hoort slaan
Langzaam reed ik het parkeerterrein op, onrust in mijn lijf, maar niet in mijn hoofd. Ik wist dat vanavond intens zou worden, heftig, moeilijk ook en zwaar. Maar ook hoe goed ik me zou voelen over een aantal uren. Meester had me voor we vertrokken een polsbandje omgedaan, klein, smal met een D-ring… en rood.
Toen we uitstapten, voelde ik al dat het hier veel harder waaide, het regende af en toe. Er stonden een paar andere auto's geparkeerd op het enorme parkeerterrein. Naast de auto rookten we nog een sigaret, ik voelde mijn handen trillen Langzaam liep ik achter Meester aan, de duinen in. De wind leek van alle kanten te komen, het was prachtig om de hei te zien, die volle paarse kleuren. Ik voelde de spanning in mijn lijf, het was tijd. Tijd om af te rekenen met dingen uit het verleden.
Heel even keek ik rond of ik andere mensen zag, maar dankzij het slechte weer liep er helemaal niemand. Meester liep een heuvel op en bleef stilstaan bij een groepje dennebomen. Hier was niet veel te merken van de wind en de regen. De geur van de natte aarde en de blik in zijn ogen, zo mooi.
Meester trok me mijn jas uit, gevolgd door mijn shirt en rok. Ook mijn bril werd van mijn neus gepakt en opgeborgen. Naakt stond ik tussen de bomen. Meester bond mijn handen achter de boom en plaatste een gag in mijn mond. Uit de tas pakte bij een zweep en al snel voelde ik de zweep over mijn borsten gaan, elke borst kreeg een slag waarna ik een slag tussen mijn benen kreeg. Twee slagen vol zoete pijn, gevolgd door een slag met alleen maar pijn. het slingerde me heen en weer. Ik voel dat de wind aanhaalt, de regen druppelt tussen de bomen door. Meester maakt me los, doet mijn kleding in een tas en klikt de lijn vast aan het bandje rond mijn pols. Langzaam loopt hij de heuvel af, mij achter zich aan leidend.
Langzaam loop ik naakt aan de lijn achter Meester aan de heuvel af en het pad op. Eenmaal op het pad voel ik de wind op me in beuken. Het is koud maar ik wil dit doen, het pad aflopen, naakt, aangelijnd.
Na een minuut of 5 maakt Meester de gag los en vraagt of het koud is. Ja Meester, het is enorm koud. Maar ik wil niet vragen of ik mijn jas aanmag, ik wil dit doen, zo naakt.
Maar Meester vindt het genoeg geweest zo, hij laat me mijn jas aantrekken en dichtmaken, de lijn gaat door de mouw. En aangelijnd loop ik verder, achter hem aan over het pad.
Als we het parkeerterrein oplopen, blijf ik even stil staan, ik wil mijn schoenen graag uit, blootsvoets verder gaan. Meester vind het prima en pakt mijn schoenen in zijn hand. Verder lopen we naar de auto. Meester trekt me mijn jas weer uit en zegt dat ik achter het stuur mag gaan zitten. Ik heb de keuze om naakt aan de bijrijderskant in te stappen en door te schuiven, of om de auto heen te lopen. Ik denk niet na, ik volg mijn gevoel en loop om de auto heen en stap in. Ik doe de gordel om en Meester zegt me het parkeerterrein af te rijden, ik krijg mijn bril terug en start de auto. Naakt rijd ik het parkeerterrein af en sla linksaf, om een paar honder meter verder het parkeerterrein weer op te rijden. Er staan nog steeds een aantal auto's geparkeerd, er lopen ook mensen, maar ik rijd gewoon langzaam door. En weer het terrein af en nog een rondje. Daarna mag ik de auto parkeren.
We praten even over wat er gebeurd is vroeger, ik herinner me dingen en vertel over hoe het toen was. Over wat er gebeurd is en hoe ik me daar nu onder voel. Ik mag de auto weer starten en vlakbij de strandafgang parkeren. Meester laat me mijn rok en shirt aantrekken en mijn jas. De lijn gaat van het bandje rond mijn pols af en we stappen uit de auto. Ik vraag of ik op blote voeten mag gaan, dat mag. We lopen de strandafgang af, het strand op. Het gevoel van het zand tussen mijn tenen is heerlijk.
Ik loop door de harde wind door naar het water, liep ik eerst nog naast mijn Meester, ik weet hem nu achter me, ik loop door in een soort van ritmisch kadans. Mijn voeten worden al snel overspoeld door het water, ik ben zover weg met mijn gedachten dat ik niet meer weet of het water nu koud voelde of juist niet. Ik blijf doorlopen tot ik tot mijn dijen in het water sta. Mijn rok wordt nat, maar het kan me niets schelen. Ik moet het van me afspoelen, de gebeurtenissen, de dingen die gezegd zijn. Ik voel hoe mijn voeten weggezogen worden in het zand, de golven slaan om mijn benen heen. De zee is woest net zo woest als het in mijn binnenste is. Ik voel de tranen over mijn gezicht lopen.
Hoe lang ik er sta? geen idee. Al die tijd weet ik mijn Meester achter me. De meeuwen lopen om me heen, ze krijsen in de wind. De golven komen van alle kanten dankzij de brekers die in het water zijn gemaakt. Als ik me na een lange poos omdraai zie ik Meester staan, zijn armen wijdgespreid, zonder dat hij iets zegt weet ik wat hij bedoeld. 'Kom maar meisje, ik ben er voor je' …
Ik loop naar hem toe, we kussen in de regen en ik veeg mijn tranen af aan zijn jas. DAn draai ik me om en doe mijn shirt omhoog. De wind giert langs mijn borsten, mijn tepels. De wind is zo hard dat ik het zand langs mijn lijf voel gaan. ALsof mijn tepels gezandstraald worden, mijn benen. Een poos staan we stil naast elkaar in de wind. Er is een laag van me afgespoeld, afgezandstraald. Langzaam valt mijn shirt weer naar beneden.
We draaien ons om en zonder iets te zeggen lopen we langzaam terug naar het pad over de duinen. Over het pad naar de parkeerplaats, de wind buldert om ons heen. Als we bij de auto aankomen, trek ik mijn rok uit. De bestuurder van de auto die net weg rijdt draait zijn hoofd nog een keer om. Ik schiet in de lach en zeg voor me uit 'ja meneer, dat heb je goed gezien, dit meisje trekt haar rok uit. Ik zie over het autodak heen de grijnssssssss van Meester en ik grijns terug. Als we weer in de auto zitten, roken we samen een sigaret.
We kijken alleen maar naar elkaar. We praten niet zoveel. Allebei met een hoofd vol indrukken en gedachten.
Als we de parkeerplaats afrijden, hoor ik een knal. Ik kijk om me heen… de knal was in mijn hoofd. En ik weet dat weer een deur achter me is dichtgeslagen…
